Rupsen en play doh

Pinkie speelt zo graag met de klei. Dit weekend leek het me het uitgelezen moment om onze klei nog eens boven te halen. Normaal gezien laat ik de kinderen wat vrij spelen en boetseren. Dan kneden ze vulkanen en maken ze figuurtjes met de attributen en vormpjes die we hebben. Ze laten hun fantasie dan de vrije loop.

Deze keer wou ik een stapje verder gaan en het boek van “Rupsje Nooitgenoeg” van Eric Carle erbij betrekken. Bij de geboorte van Viooltje kreeg ik dit boek cadeau en het is nog steeds een favoriet van de kinderen. Het verhaal gaat over een kleine rups die uit een eitje komt. Deze rups eet superveel, maakt een cocon en wordt een wonderschone vlinder op het einde.

Het boek is zo interessant omwille van de verschillende leerniveaus. Niet alleen leert je kind met dit boek tellen, ook de namen van het fruit komen erin voor. De tegenstelling van de maan en de zon, de dagen van de week en de gaatjes in het blad zijn erg leuk.

Daarnaast leert je kind de evolutie van ei-rups-cocon tot vlinder. Er zit ook een belangrijke les in het boek. Als je teveel door elkaar eet, krijg je buikpijn. Bij het lezen van die zin wordt mijn jongste zoontje altijd heel stil.

Het verschil tussen een piepkleine rups en een dikke rups is altijd indrukwekkend voor een kleuter. Mijn jongste kijkt steeds met grote ogen naar het prentje van de dikke rups. De kleurrijke prenten en de afgeknipte bladen in het midden blijven hem fascineren.

Aangezien we dit boek al vaak hebben gelezen, leek het me leuk om dit als vertrekpunt te nemen om eens een rups te maken van klei. Natuurlijk kan je de kleuren van rups uit het boek overnemen maar ik koos ervoor om hun zelf hun eigen rups te laten uitvinden en de kleur te gebruiken die ze mooi vonden. Eerst rolden we balletjes van klei. Zeker voor een peuter is dit een hele klus. Nadien mochten ze zelf wiebeloogjes drukken in het hoofd. Pijpenragers werden voelsprietjes. Zo leken het net echte rupsjes.

Nadien gingen we het woord RUPS leggen met letters. Pinkie kent de afzonderlijke letters wel maar woorden leggen lukt nog niet zo goed. Daarom zei ik de letters in de juiste volgorde en mocht hij letters kiezen uit de letterbak om in de juiste volgende te leggen.

Viooltje zit in het tweede studiejaar. Letters schrijven gaat dus al vlot. Hij schreef het woord RUPS op een papier en nadien mocht hij van het woord een grafische voorstelling maken. Ik legde het hem eerst even uit. Als je bv. het woord “ZON” schrijft en aan de letter “O” stralen tekent, kan je de zon zien én tegelijkertijd het woord “zon” lezen.

Dit vond hij meteen interessant en ging aan de slag. Zelf maakte ik er ook een paar. Zijn creativiteit hield maar niet op. Hij probeerde ook andere woorden grafisch voor te stellen. Zo mooi om te zien hoe het inspiratie gaf. Nadien keken we nog even naar een figuurgedicht waar de inhoud van het gedicht door de lay-out wordt weergeven.

De hubby was er intussen bijgekomen en van een keukenrol knutselde hij nog een mooie rups. Toch zalig, zo een handige en creatieve man in huis.

Als avondritueeltje, lazen we nog eens het boek “Rupsje Nooitgenoeg” door. Op het einde van het verhaal liet ik het boek wegvliegen als een vlinder. Ik bewoog het boek open en dicht zodat het klapwiekte met zijn vleugels. Dan leek het alsof de vlinder echt kan vliegen op de laatste pagina.

In bed deden we nog even rupsen en vlinders na. Onze wijsvingers waren eerst rupsjes die over de rand van het bed kropen en kwamen kriebelen. Later speelden we met onze handen in het licht en maakten we schaduwvlinders op de muur.

Een mooie afsluiter van een leuke en leerrijke dag!